Torta de laranja: hoe je een sappige, gebak-waardige Portugese sinaasappelarm maakt
Portugese sinaasappelcake is niet "zomaar een brazo de gitano". Het is iets anders: een opgerolde biscuit die onmogelijk lijkt omdat hij zo vloeibaar is voordat hij de oven ingaat, en er dan mals, vochtig en geurig uitkomt, met dat zoete sinaasappelzuurtje waardoor je voor herhaling vatbaar bent. De sleutel zit in wat je niet kunt zien: acht eieren (ja, acht) en een korte bereidingstijd die het kruim bijna romig maakt.
Maar juist omdat het zo'n eenvoudig snoepje is, is het onvergeeflijk. Er is geen vulling om een overgebakken deeg te bedekken, geen room om een slecht gerold deeg te herstellen. Basistechniek en een beetje netheid voeren de boventoon.
Als je op zoek bent naar een snel dessert met Portugese gebaksmaak, het soort dessert waarbij je een plakje afsnijdt en alweer aan de volgende denkt: dit is het. Dus haal maar tevoorschijn: twee schone doeken, bakplaat, bakpapier en hengels. En aan de slag.
Wat is er speciaal aan deze Portugese arm?
In tegenstelling tot de "klassieke" arm (meer sponsachtig en stabiel), werkt deze versie met een zeer vloeibaar mengsel dat snel hard wordt en flexibel blijft. De maïzena helpt structuur te geven zonder hard te worden, de boter voegt zachtheid toe en de sinaasappel doet het allemaal: aroma, frisheid en die "Portugese café dessert" touch die je meeneemt zonder je voeten van de keuken te halen.
Ingrediënten veranderen alles
Het speciale kenmerk staat in de ingrediëntenlijst: acht eieren. Dat is geen gril. Het is wat het die zachte, bijna romige textuur geeft en wat ervoor zorgt dat het snoepje bij elkaar blijft zonder dat er vulling nodig is. De maïzena geeft het structuur zonder het "bloemig" te maken, de boter rondt het af en de suiker, hier, maakt het niet alleen zoet: het helpt om een fijn, aangenaam oppervlak te vormen dat goed houdt bij het rollen.
Ingrediënten en materialen (voor 8 porties)
Ingrediënten:
- 8 eieren
- 180 g suiker
- 2 sinaasappels (sap van 2 + schil van 1)
- 2 eetlepels maïzena
- 2 theelepels bakpoeder
- 60 g boter (gesmolten)
- 20 g suiker voor decoratie
Materiaal:
- Bakplaat/bakpapier
- Vetvrij papier
- Elektrische garde of keukenmachine
- 2 schone theedoeken
Stap 1: Klop de eieren en suiker los
Klop in een grote kom de eieren los met de suiker. Voeg de schil van een sinaasappel en het sap van de twee sinaasappels toe.
Hier is het belangrijk om goed te kloppen: je bent niet op zoek naar een meringue, maar naar een helderder mengsel met wat volume. Hierdoor wordt het resultaat dun en niet zwaar.
Stap 2: Boter en noten toevoegen
Voeg de gesmolten boter, maïzena en bakpoeder toe. Klop tot het geïntegreerd is. Het mengsel kan erg vloeibaar lijken: dat is normaal. Probeer het niet te "corrigeren".
Stap 3: De schaal voorbereiden
Vet de bakplaat in, leg er bakpapier op en vet het papier weer licht in. Giet het mengsel erin en verdeel het zo gelijkmatig mogelijk.
Stap 4: Kort bakken
Bak 15 minuten op 180 ºC, met de oven voorverwarmd. De bedoeling is: hard en verend. Als je het te droog maakt, wordt het taai als je het oprolt.
Stap 5: Het sleutelmoment: ontvormen en oprollen
Haal uit de pan en vorm onmiddellijk op een schone doek. Strooi suiker over het oppervlak.
Leg er een andere doek op en draai hem om. Verwijder voorzichtig het papier en rol op (met de doek) terwijl het nog warm is, zodat het zijn vorm "leert". Laat het afkoelen zodra het is opgerold, zodat het zijn vorm behoudt. Verwijder dan voorzichtig de doeken, leg ze op een schaal en werk af met een beetje suiker als je dat lekker vindt.
Stap 6: Geniet ervan
Je hoeft er alleen nog maar van te genieten. Solo is hemels, maar het meest typische is om er een sterke koffie bij te drinken, zoals de traditie voorschrijft.
Mijn extra tips
Deze cake is heel eenvoudig, maar hier zijn een paar typische struikelblokken:
- De ingrediënten aanpassen omdat je merkt dat het beslag lopend is: Dit is de typische schrik. Je kijkt ernaar, denkt dat het niet gaat stollen en komt in de verleiding om het te "repareren" met meer bloem. Fout. Vertrouw erop dat dit mengsel vloeibaar is, in de oven wordt het snel hard en blijft het flexibel.
- Te lang bakken: Hoewel het van de oven afhangt, is 15 minuten meestal genoeg. Als het uitdroogt, zal het bij het rollen breken.
- Wachten met ontvormen: Dit punt is cruciaal. Als je de "biscuit" laat afkoelen op de bakplaat, verliest de biscuit zijn elasticiteit, zal hij vastlopen en breken wanneer je hem uitrolt. En nee, het is geen "esthetisch" drama; het echte probleem is dat wanneer de cake openbarst, hij zijn sappigheid verliest.
Patricia González
Opmerkingen