Petitchef

Wild west

Ik begrijp er geen biet van, al tijden zie ik Grote Poes niet meer. Ik mis hem en zou hij mij niet ook missen, zelfs een heel klein beetje maar, vraag ik me af. Ik zit op mijn uitkijkpost op tafel en gluur regelmatig in de schuur of hij daar in is gekropen zonder dat ik het heb gemerkt. Niets. Mijn vriend lijkt van de aardbodem verdwenen en ik kan je vertellen: ik vind het verdomd saai!



Nu ben ik ook al een paar dagen niet zo lekker. Ik heb honger en wil eten maar bij de geur alleen voel ik al braakneigingen en de beetjes die ik eet komen er dan ook gelijk weer uit. Heel onsmakelijk. Nee een schattig poesenjong zal ik ook niet krijgen dat is het niet, die kans is mij ooit ontnomen. Het vrouwtje sjouwt ondertussen wat achter mij aan, met voer en kattenmelk. Ik word er eigenlijk een beetje kriegel van maar probeer het niet te laten merken, ze bedoelt het tenslotte goed.



Als ik lekker lig te zonnen haalt vrouwtje een doos uit de schuur. Ik schurk mij er lekker tegenaan want het ding ruikt naar Grote Poes. Ja, hij heeft er zelfs in geplast. Nadat vrouwtje het ding schoon heeft geboend en de fris gewassen deken erin heeft gelegd ruik ik zijn geur nog. Lekker hoor, zo kan ik fijn dromen.





Te laat heb ik in de gaten dat vrouwtje iets in haar schild voert. Ineens heeft de doos tralies, ik kan er niet meer uit. Ik doe moeite niet in paniek te raken want dat gebeurt als ik opgesloten zit. Maar ineens gaat alles snel. Ik voel mij met doos en al zweven. Ik zie de verkeerde deur opengaan en dan allemaal vreemds voorbij flitsen. "Ik wil niet, ik wil niet, ik wil niet!" Ik huil stilletjes maar vrouwtje hoort me toch.



Ineens zijn we ergens. Het ruikt er raar. Ze noemen het schoon maar ik vind het stinken en ik wil weg. Maar helaas, er komt een meneer die mijn naam noemt. Geen idee hoe die mij kent. Op een hoge tafel mag ik uit mijn doos. Ha! Ik wacht heel even en grijp dan mijn kans want een vos verliest wel zijn haren maar niet zijn wilde streken. En wild dat kan ik nog steeds zijn bewijs ik nu. Meneer en vrouwtje hebben allebei een kras. Vrouwtje vindt het zielig dus er wordt versterking gehaald om mij in toom te houden. Die andere mevrouw die weet wel hoe dat moet en ik kan geen kant meer op. Het leven gaat beslist niet over rozen.



Die meneer, ja best wel een knapperd hoor maar weet je wat die doet? Hij stopt zomaar een ding in mijn achterste! En na alle paniek vind ik mezelf zieliger dan ooit en dat laat ik horen. Vanuit een ooghoek zie ik hoe vrouwtje moet slikken. Het scherpe ding dat vervolgens in me wordt gestoken voel ik na alles niet eens. En ineens is alles voorbij en mag ik weer in mijn doos. Gelukkig heb ik er niet in geplast. Ik vind het weer eng buiten maar ineens zie ik mijn huis van een andere kant. Gek hoor!



Gelukkig mag ik binnen snel uit mijn doos. Ik voel me eigenlijk kiplekker. Ik was de nare lucht van me af en zie dat vrouwtje nieuwe knabbels voor me heeft. Ik geef haar een knuffel en bunker er op los.













Beoordeel dit recept:
Genereer een andere beveiligde code =